Citaat | Centrale Raad van Beroep 27 september 2017
Onder 4.2.4. Centrale Raad van Beroep 27 september 2017
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 27 september 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:3480.
Op grond van wat is overwogen in 4.2.2 en 4.2.3 wordt geoordeeld dat sprake is van een bijzonder geval in de zin van artikel 35, tweede volzin, van de WW. Mede doordat het Uwv geen nader onderzoek heeft gedaan naar de situatie op het kantoor in de bewuste periode wordt appellante gevolgd in haar standpunt dat zij ten gevolge van onjuiste informatie van het Uwv haar WW-aanvraag te laat heeft ingediend. Dit betekent tevens, dat appellante geen verwijt kan worden gemaakt van het te laat indienen van haar WW-aanvraag, noch van de te late inschrijving als werkzoekende.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/afbcd0169e719ad025617d8e32ac09b00f14427a093bf7eb5bc52a7e96cdb0c2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt afbcd0169e719ad025617d8e32ac09b00f14427a093bf7eb5bc52a7e96cdb0c2, en de alinea staat in dat document op bytes 14945 tot 15528.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/afbcd0169e719ad025617d8e32ac09b00f14427a093bf7eb5bc52a7e96cdb0c2 | shasum -a 256