Citaat | Centrale Raad van Beroep 5 december 2017

Onder 4.20. Centrale Raad van Beroep 5 december 2017

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 5 december 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:4218.

Het beroep van appellante op artikel 3 van het Verdrag inzake de rechten van het kind (IVRK) slaagt niet. Artikel 3 van het IVRK heeft rechtstreekse werking voor zover het ertoe strekt dat bij alle maatregelen betreffende kinderen de belangen van het desbetreffende kind dienen te worden betrokken. Wat betreft het gewicht dat aan het belang van een kind in een concreet geval moet worden toegekend, bevat artikel 3, eerste lid, van het IVRK, gelet op de formulering ervan, geen norm die zonder nadere uitwerking in nationale wet- en regelgeving door de rechter direct toepasbaar is. Wel dient de bestuursrechter in dit verband te toetsen of het bestuursorgaan zich voldoende rekenschap heeft gegeven van de belangen van het kind en aldus bij de uitoefening van zijn bevoegdheden binnen de grenzen van het recht is gebleven. Vergelijk de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/47e64d4e93edea1581ffbb4803b2361f4e8cee48303f9cefb5f19fdd976888d6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 47e64d4e93edea1581ffbb4803b2361f4e8cee48303f9cefb5f19fdd976888d6, en de alinea staat in dat document op bytes 28616 tot 29539.