Citaat | Centrale Raad van Beroep 14 februari 2017

Onder 4.18. Centrale Raad van Beroep 14 februari 2017

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 14 februari 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:583.

Appellant heeft betoogd dat de wetgever het argument van de wettelijke onderhoudsplicht niet heeft gebruikt toen gehuwden en ongehuwd samenwonenden voor de AOW gelijk werden gesteld en wijst erop dat de Raad van State in zijn advies over de Wet inkomstenbelasting 2001 heeft overwogen dat er geen objectieve en redelijke grond is om aan gehuwden inzake het fiscaal partnerschap andere eisen te stellen dan aan ongehuwden en heeft geadviseerd om artikel 1.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001 in deze zin aan te passen (Kamerstukken II 1998/99, 26 727, nr. A, blz. 9). De advocaat-generaal van de Hoge Raad heeft uit dit advies geciteerd in zijn conclusie van 11 juni 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BL7267, maar kwam destijds tot een andere conclusie. Volgens appellant is de maatschappelijke trend echter voortgaande gelijke behandeling van gehuwden en ongehuwden. De uitleg van de twee-woningenregel door de Svb en de rechtbank miskent die trend en is een stap terug. Dit betoog slaagt niet, reeds omdat de wetgever het advies van de Raad van State met een beroep op de juridisch afdwingbare zorgverplichting die gehuwden en geregistreerde partners jegens elkaar hebben, niet heeft gevolgd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d8ce2343b5a90abd9a497565119e1e738887f633cd3b4de1bd1883bd846543cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d8ce2343b5a90abd9a497565119e1e738887f633cd3b4de1bd1883bd846543cd, en de alinea staat in dat document op bytes 25695 tot 26893.