Citaat | Centrale Raad van Beroep 30 mei 2018
Onder 4.2.1. Centrale Raad van Beroep 30 mei 2018
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 30 mei 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:1675.
Artikel 1b, eerste lid, van de WW bepaalt dat voor de berekening van de hoogte van de uitkering waarop op grond van deze wet recht bestaat als dagloon wordt beschouwd 1/261 deel van het loon dat de werknemer in de periode van één jaar, die eindigt op de laatste dag van het tweede aangiftetijdvak voorafgaande aan het aangiftetijdvak waarin het arbeidsurenverlies, bedoeld in artikel 16, eerste lid, onderdeel a, is ingetreden, verdiende, doch ten hoogste het bedrag, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen (WFSZ), met betrekking tot een loontijdvak van een dag (maximumdagloon). Ingevolge artikel 1b, tweede lid, onder a, van de WW bedraagt het maandloon in een kalendermaand indien de werknemer over de volledige kalendermaand recht op een uitkering heeft gehad 21,75 maal het dagloon. Ingevolge artikel 1b, vierde lid, onder a, van de WW bedraagt het inkomen in een kalendermaand indien de werknemer over de volledige kalendermaand recht op een uitkering heeft gehad: het inkomen over de eerste tot en met de laatste dag van de kalendermaand.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d015abbed49b4bc9e7a8825a2625f36f82c24df12ed86e9693d58c9e3f6f7c32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d015abbed49b4bc9e7a8825a2625f36f82c24df12ed86e9693d58c9e3f6f7c32, en de alinea staat in dat document op bytes 13469 tot 14598.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d015abbed49b4bc9e7a8825a2625f36f82c24df12ed86e9693d58c9e3f6f7c32 | shasum -a 256