Citaat | Centrale Raad van Beroep 5 juni 2018

Onder 5.2. Centrale Raad van Beroep 5 juni 2018

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 5 juni 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:1755.

Uit 4.4 en 4.5 volgt dat het college heeft aangetoond dat appellant de op hem rustende inlichtingenverplichting heeft geschonden doordat hij in de te beoordelen periode meer uren in de winkel heeft gewerkt dan hij aan het college heeft opgegeven. Van deze gedraging kan niet worden gezegd dat elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt. Het had appellant redelijkerwijs duidelijk kunnen zin dat de door hem verrichte werkzaamheden van invloed konden zijn op het recht op bijstand. Daarbij komt dat aan appellant tijdens de gesprekken van 15 augustus 2013 en 12 maart 2014 en bij besluit van 12 maart 2014 de nadere verplichting is opgelegd om maandelijks bij te houden op welke dagen en tijdstippen hij heeft gewerkt. Daarmee staat de verwijtbaarheid van de schending van de inlichtingenverplichting vast.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eba9bef80447599fe05f177e1d9ca3c2a01b3584891f4ec45c6eb6d0361d312d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eba9bef80447599fe05f177e1d9ca3c2a01b3584891f4ec45c6eb6d0361d312d, en de alinea staat in dat document op bytes 15645 tot 16461.