Citaat | Centrale Raad van Beroep 1 oktober 2018

Onder 4.3.1. Centrale Raad van Beroep 1 oktober 2018

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 1 oktober 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:2914.

Bij de vraag of bewijs, vergaard door, in opdracht of onder verantwoordelijkheid van Nederlandse bestuursorganen, bij besluitvorming of de toetsing daarvan in een bestuursrechtelijke procedure rechtmatig mag worden gebruikt, is slechts van belang of dat bewijs naar Nederlands recht, daaronder begrepen het in Nederland geldende internationale en Europese recht, rechtmatig is verkregen. Niet bepalend is of het bewijs naar het recht van de plaats waar het is vergaard, waarop het betrekking heeft of van waaruit het afkomstig is, rechtmatig is verkregen. Voor dit oordeel wordt steun gevonden in de arresten van de Hoge Raad van 18 mei 1999, ECLI:NL:HR:1999:ZD1335, 21 maart 2008, ECLI:NL:HR:2008:BA8179, en 5 oktober 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL5629.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd6e9519916159a95686090f38d8261f27cb9f280e3a4e52f4258240879ac58a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd6e9519916159a95686090f38d8261f27cb9f280e3a4e52f4258240879ac58a, en de alinea staat in dat document op bytes 10817 tot 11578.