Citaat | Centrale Raad van Beroep 9 januari 2018

Onder 1.3. Centrale Raad van Beroep 9 januari 2018

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 9 januari 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:61.

12 maart 2014 een gesprek met appellante en P gevoerd. Appellante en P hebben desgevraagd tijdens dat gesprek afschriften van de bankrekening aan de medewerkers overgelegd. Voorts heeft appellante tijdens dat gesprek verklaard dat zij niet zo veel deed met de bankrekening, dat P daar meer mee deed, dat P een flexibele privélening had afgesloten bij hun buurman [L.] (L), dat daarvan geen overeenkomst is opgesteld, dat geen afspraken zijn gemaakt over de aflossingen en dat zij niet weten waar het geld is gebleven. Uit de bankafschriften blijkt dat over de periode van 27 juni 2013 tot en met 31 oktober 2013 bedragen zijn bijgeschreven, afkomstig van een bankrekening op naam van L, tot een bedrag van in totaal € 73.473,53. Op 25 juli 2013 en 2 september 2013 is een bedrag van € 500,-, in totaal € 1.000,-, overgeschreven naar de rekening van L. De medewerkers van de BO hebben op 27 mei 2014 een gesprek gevoerd met L. De bevindingen van het onderzoek zijn neergelegd in een rapport van 3 oktober 2014.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/03268ebe43e5bf722579aa194a1d31be661d23f93e0a95c1da093bfb4047ca73. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 03268ebe43e5bf722579aa194a1d31be661d23f93e0a95c1da093bfb4047ca73, en de alinea staat in dat document op bytes 6901 tot 7931.