Citaat | Centrale Raad van Beroep 2 december 2020

Onder 4.13. Centrale Raad van Beroep 2 december 2020

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 2 december 2020, ECLI:NL:CRVB:2020:2871.

De aanpassing van de Beleidsregels 2014 is echter niet toereikend omdat daarin nog steeds onvoldoende wordt gedifferentieerd naar de mate waarin de overtreding aan de overtreder kan worden verweten. Die zal immers wezenlijk anders zijn in gevallen dat sprake is van opzet, grove schuld, normale verwijtbaarheid of verminderde verwijtbaarheid, in het bijzonder ten aanzien van zogenoemde first-offenders. De mogelijkheid van matiging van het boetenormbedrag is in artikel 6 van de Beleidsregels 2014 echter uitsluitend beperkt tot halvering van het boetenormbedrag in gevallen waarin de uitzendonderneming of de inlener kan aantonen dat hij ten aanzien van een overtreding verminderd verwijtbaar heeft gehandeld. Met toepassing van dit beleid zou bijvoorbeeld de malafide inlener die opzettelijk het verbod van artikel 7a, tweede lid, van de Waadi heeft overtreden dezelfde boete krijgen als de niet‑malafide inlener die eenmalig door onoplettendheid dit verbod heeft overtreden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ec17c440f4cb4e824fb8cb0d3181c4f9e407df4e681737382f054d4448d1586. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ec17c440f4cb4e824fb8cb0d3181c4f9e407df4e681737382f054d4448d1586, en de alinea staat in dat document op bytes 27296 tot 28290.