Citaat | Centrale Raad van Beroep 12 maart 2020

Onder 4.5. Centrale Raad van Beroep 12 maart 2020

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 12 maart 2020, ECLI:NL:CRVB:2020:652.

De Raad heeft uit de door appellante overgelegde besluiten over andere personen en uit het verhandelde ter zitting niet kunnen opmaken dat de Svb in vergelijkbare gevallen andere criteria of een gunstiger gedragslijn heeft gehanteerd voor het aannemen van verzekering voor de AKW dan in het geval van appellante. Ook is niet met de situatie van appellante vergelijkbaar de persoon die migreert tussen lidstaten van de Europese Unie. Op die situatie is het Unierecht van toepassing, waarbij voor de uitleg van het begrip “woonplaats” van belang zijn de door de rechtspraak van het HvJEU ontwikkelde criteria, die zijn gecodificeerd in artikel 11 van Verordening (EG) nr. 987/2009. Deze uitleg is in het geval van appellante niet aan de orde. In de situatie van appellante heeft de Svb terecht en op juiste wijze het onder 4.2 genoemde toetsingskader gehanteerd, waarbij het begrip “ingezetenschap” is uitgelegd volgens de criteria die zijn geformuleerd door de Hoge Raad in de onder 4.3 genoemde arresten. Dat appellante ten tijde in geding voor fiscale doeleinden wel is aangemerkt als ingezetene, is overigens niet gebleken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de5bd0a067ccaea1d1fec9fbe51716a7be6a2d82e295fa64d355e678bfcb0065. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de5bd0a067ccaea1d1fec9fbe51716a7be6a2d82e295fa64d355e678bfcb0065, en de alinea staat in dat document op bytes 15616 tot 16762.