Citaat | Centrale Raad van Beroep 7 april 2020

Onder 4.5. Centrale Raad van Beroep 7 april 2020

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 7 april 2020, ECLI:NL:CRVB:2020:883.

Deze beroepsgrond slaagt niet. De door appellant in het kader van zijn aanvraag van 18 maart 2017 overgelegde bankafschriften bestrijken niet de gehele te beoordelen periode, maar slechts een zeer beperkt deel daarvan, te weten de periode van 1 tot en met 4 oktober 2016. Met de vaststelling dat op de bankafschriften over die beperkte periode geen inkomsten zichtbaar zijn, is in ieder geval geen duidelijkheid gekomen over de wijze waarop appellant in zijn levensonderhoud heeft voorzien. Deze enkele vaststelling weegt alleen al om die reden niet op tegen het feit dat appellant de gevraagde gegevens niet heeft verstrekt. Hier komt bij dat appellant geen duidelijkheid heeft gegeven over zijn woonsituatie. Integendeel: in zijn hoger beroepschrift heeft appellant uitgelegd dat hij niet eerder bankgegevens had verstrekt, omdat hij een semi-zwervend bestaan leidt, waarbij hij erop heeft gewezen dat hij niet altijd bij zijn ouders op het opgegeven adres is, maar dan weer hier en dan weer daar slaapt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0ce3f5a4d0a067c9e03587a9d6c5dcf03405a5bee7ce999a4bb242034592178d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0ce3f5a4d0a067c9e03587a9d6c5dcf03405a5bee7ce999a4bb242034592178d, en de alinea staat in dat document op bytes 14507 tot 15527.