Citaat | Centrale Raad van Beroep 27 oktober 2021
Onder 3.6. Centrale Raad van Beroep 27 oktober 2021
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 27 oktober 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:2639.
De Raad is, met het college en anders dan verzoeker, van oordeel dat niet aan de cumulatieve voorwaarden van artikel 8:119, eerste lid, van de Awb is voldaan. Daargelaten de vraag of de collegebrief en/of de Klachtenregeling voor de uitspraak van de Raad bij verzoeker redelijkerwijs niet bekend konden zijn en is voldaan aan de voorwaarde van onderdeel b van artikel 8:119, eerste lid, van de Awb, zijn de collegebrief en de Klachtenregeling geen feiten of omstandigheden die, indien zij eerder bekend waren geweest, tot een andere uitspraak zouden hebben kunnen leiden. Daartoe overweegt de Raad het volgende. De collegebrief is een vertrouwelijke reactie van het college op een brief van verzoeker aan de gemeenteraad waarin hij de gemeenteraad (vanuit zijn visie) heeft ingelicht over het ontstane arbeidsconflict en de aanleiding daarvoor. Gelet op de actie van verzoeker is het - hoe ongebruikelijk wellicht ook - begrijpelijk en te billijken dat het college heeft gemeend zijn kant van het verhaal aan de gemeenteraad te moeten laten weten. De Raad volgt verzoeker niet in zijn stelling dat uit de collegebrief blijkt dat het college een onjuiste voorstelling van zaken heeft gegeven waar het college later heeft gemeend verzoeker primair vanwege ongeschiktheid voor zijn functie te ontslaan. Dat het college ten tijde van de collegebrief aanstuurde op een ontslag op andere gronden belet het college niet om uiteindelijk te kiezen voor een andere primaire ontslaggrond. Wat betreft de Klachtenregeling overweegt de Raad dat niet valt in te zien dat het bestaan van de Klachtenregeling dan wel het gebruikmaken daarvan door verzoeker tot een andere uitspraak van de Raad had kunnen leiden. De Raad ziet in de collegebrief en de Klachtenregeling, mede gelet op dat wat de Raad in overweging 3.10 van zijn uitspraak van 2 augustus 2012 over de rol van verzoeker heeft overwogen, dan ook geen aanleiding om te oordelen dat het college een overwegend aandeel in het bestaan en het voortbestaan van de verstoorde verhoudingen heeft gehad en dat tot een ruimere ontslagregeling had moeten worden gekomen. De Raad merkt ten slotte nog op - ter voorlichting van appellant en met zijn wens om gerehabiliteerd te worden in gedachte - dat wat de Raad in overweging 3.10 van zijn uitspraak van 2 augustus 2012 heeft overwogen, niet betekent dat het college geen enkele blaam treft voor het bestaan en het voortbestaan van de verstoorde verhoudingen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e6bc99971566a4105aafa410130bbac67bbb134d6344c06efda912900fe953f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e6bc99971566a4105aafa410130bbac67bbb134d6344c06efda912900fe953f0, en de alinea staat in dat document op bytes 12367 tot 14825.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e6bc99971566a4105aafa410130bbac67bbb134d6344c06efda912900fe953f0 | shasum -a 256