Citaat | Centrale Raad van Beroep 20 januari 2022
Onder 4.6. Centrale Raad van Beroep 20 januari 2022
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 20 januari 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:206.
Op grond van het voorgaande wordt geconcludeerd dat betrokkene met de door de primaire afdeling gemaakte berekening van zijn gewerkte uren en de daaruit voortvloeiende herziening en terugvordering niet is tekortgedaan. Dit betekent dat geen sprake was van een gebrek in het bestreden besluit en dat de rechtbank het Uwv in de tussenuitspraak van 16 augustus 2019 ten onrechte heeft opgedragen een gebrek in de besluitvorming te herstellen. Voorts is gebleken dat rechtbank, door de reactie van betrokkene pas op 10 januari 2020 door te sturen aan het Uwv en het onderzoek vervolgens binnen een week te sluiten, het Uwv niet in de gelegenheid heeft gesteld te reageren op de reactie van betrokkene, waardoor het Uwv genoodzaakt was om hoger beroep in te stellen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/75b449684957c0efa16008b5f2335e9072ac259298fc2e4fbac4257e506c6b61. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 75b449684957c0efa16008b5f2335e9072ac259298fc2e4fbac4257e506c6b61, en de alinea staat in dat document op bytes 34087 tot 34875.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/75b449684957c0efa16008b5f2335e9072ac259298fc2e4fbac4257e506c6b61 | shasum -a 256