Citaat | Centrale Raad van Beroep 6 december 2022

Onder 9.28. Centrale Raad van Beroep 6 december 2022

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 6 december 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:2623.

Ik concludeer (i) dat de eis van een fair hearing in art. 6 EVRM ook in gevallen zoals dat van de appellant, waarin het om bestuurlijke oplegging van een substantiële boete gaat, niet in de weg staat aan niet-ontvankelijkverklaring van zijn te laat ingediende bezwaar mits hij een reële laagdrempelige mogelijkheid had om zijn zaak aan een onafhankelijke en onpartijdige rechter met full jurisdiction voor te leggen (en dat aan die voorwaarde is voldaan), en (ii) dat de eis van een fair hearing in gevallen waarin de definitief geworden beschikking waarvan ex art. 4:6 Awb heroverweging gevraagd wordt een substantiële bestuurlijke boete inhoudt, evenmin in de weg staat aan toepassing van die bepaling op dezelfde wijze als die waarop zij wordt toegepast in gevallen waarin het niet om een punitieve sanctie gaat. Die eis staat er dus niet aan in de weg dat de rechter ook bij definitieve boeten het bestuur alleen tot heroverweging kan nopen of zelfstandig kan herzien bij (i) nova of (ii) evidente onredelijkheid van niet-heroverwegen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4a51f09533299a2a09b6e68d0b975a7efc82ef2517762e7de43b348744154f6c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4a51f09533299a2a09b6e68d0b975a7efc82ef2517762e7de43b348744154f6c, en de alinea staat in dat document op bytes 158949 tot 160145.