Citaat | Centrale Raad van Beroep 6 december 2022

Onder 10.4. Centrale Raad van Beroep 6 december 2022

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 6 december 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:2623.

Een recent arrest van de Hoge Raad over de weigering om terug te komen van een onherroepelijke beschikking betrof de berekening van acht keer € 11.393 aan kosten voor de betekening van acht dwangbevelen – binnen zeven minuten - door de deurwaarder van rijksbelastingen aan acht vennootschappen in één fiscale eenheid voor één omzetbelastingschuld van die fiscale eenheid. Tegen de kostenbeschikkingen was niet op tijd administratief beroep ingesteld. De ontvanger van rijksbelastingen weigerde vervolgens desverzocht om de excessieve verachtvoudiging van kostenberekeningen voor één betekening te matigen. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep van de getroffen vennootschappen (dat strekte tot een verklaring voor recht van onrechtmatigheid), voornamelijk omdat de cumulerende onherroepelijke kostenbeschikkingen, hoe onredelijk mogelijk ook, niet ‘onmiskenbaar onjuist’ waren. Niet zozeer de weigering van heroverweging was onredelijk, maar de formele wet zelf (de Kostenwet Invordering), zodat er weinig af te wegen viel. De Hoge Raad overwoog als volgt over de gevolgen van de formele rechtskracht van de kostenbeschikkingen:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4a51f09533299a2a09b6e68d0b975a7efc82ef2517762e7de43b348744154f6c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4a51f09533299a2a09b6e68d0b975a7efc82ef2517762e7de43b348744154f6c, en de alinea staat in dat document op bytes 171058 tot 172280.