Citaat | Centrale Raad van Beroep 6 december 2022
Onder 10.10. Centrale Raad van Beroep 6 december 2022
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 6 december 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:2623.
“Zo valt achteraf lastig te zeggen of men vooraf, zonder nader onderzoek, kon weten dat een besluit(onderdeel) evident in strijd was met hoger recht. Zoals Kortmann terecht opmerkt (…) is discussie mogelijk over de vraag wanneer een uitzondering op de formele rechtskracht van een besluit moet worden gemaakt: als het besluit evident gebrekkig is of ook als evident onredelijke uitkomsten moeten worden voorkomen? Deze opties zijn verschillend, omdat “evident gebrekkige besluiten soms best tot acceptabele uitkomsten [kunnen] leiden terwijl aan evident groot onrecht niet per se een besluit ten grondslag hoeft te liggen waarvan de onrechtmatigheid op het eerste gezicht duidelijk is.” Gezien de definitie die de Afdeling in de verwijzingsuitspraak in de Purmerendzaak geeft aan het evidentiecriterium, wordt vooralsnog uitgegaan van de eerste optie: het besluit moet evident gebrekkig zijn. Van belang is dat het Unierecht geen specifieke criteria voor het evidentiecriterium voorschrijft, zolang er bij evidente strijdigheid maar een reële mogelijkheid bestaat tot – in de bewoordingen van het HvJEU – “nietigverklaring” van het betrokken voorschrift. Zoals reeds opgemerkt komt dit in de context van de Purmerendzaak neer op een reële mogelijkheid dat het voorschrift niet handhaafbaar wordt geacht.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4a51f09533299a2a09b6e68d0b975a7efc82ef2517762e7de43b348744154f6c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4a51f09533299a2a09b6e68d0b975a7efc82ef2517762e7de43b348744154f6c, en de alinea staat in dat document op bytes 196991 tot 198392.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4a51f09533299a2a09b6e68d0b975a7efc82ef2517762e7de43b348744154f6c | shasum -a 256