Citaat | Centrale Raad van Beroep 23 december 2022
Onder 4.7.2. Centrale Raad van Beroep 23 december 2022
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 23 december 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:2658.
Het Uwv heeft terecht gesteld dat de situatie van betrokkene niet wordt bestreken door artikel 6, aanhef en onder c, maar door artikel 6, aanhef en onder b, van de conventie. Het is juist dat de beoordeling van de aanspraak van betrokkene op een ZW-uitkering na een EZWb berust op een vaststelling van het (gedeeltelijke) verlies van de geschiktheid om inkomsten uit arbeid te verwerven. Geen sprake is echter van een situatie waarin wordt aangenomen dat dit verlies aan inkomsten waarschijnlijk blijvend zal zijn, als bedoeld in onderdeel c van artikel 6 van de conventie. Het Uwv heeft er terecht op gewezen dat in het Nederlandse stelsel van wettelijke arbeidsongeschiktheidsregelingen de Wet WIA (en de WAO) moeten worden geacht te voorzien in de situaties bedoeld in onderdeel c. Omdat onderdeel c van artikel 6 van ILO-conventie 121 toepassing mist, wordt niet toegekomen aan een beoordeling van de modaliteiten van de voorziening op grond van artikel 14 van de conventie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e3472716e1219f129de1a62cd5e985123b3386472eb31835f85226701854010. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e3472716e1219f129de1a62cd5e985123b3386472eb31835f85226701854010, en de alinea staat in dat document op bytes 35962 tot 36953.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2e3472716e1219f129de1a62cd5e985123b3386472eb31835f85226701854010 | shasum -a 256