Citaat | Gerechtshof Amsterdam 20 november 2000

Alinea 49 Gerechtshof Amsterdam 20 november 2000

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 20 november 2000, ECLI:NL:GHAMS:2000:AA8395.

6.4 Het hof sluit zich aan bij deze overwegingen van de deskundige en diens conclusie, hierop neerkomende dat, indien de Nederlandse rechter de Uitvoeringswet Folteringverdrag op een retrospectieve wijze zou toepassen bij de vervolging en berechting van Verdachte op basis van universele rechtsmacht - hetgeen naar het oordeel van het hof niet alleen mogelijk is, maar ook aangewezen voorkomt - artikel 15 van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten niet wordt geschonden. Dit artikel bepaalt, voor zover hier van belang, dat het legaliteitsbeginsel niet in de weg staat aan het vonnis en de straf van iemand die schuldig is aan een handelen of nalaten, hetwelk ten tijde dat het handelen of nalaten geschiedde, van strafrechtelijke aard was overeenkomstig de algemene rechtsbeginselen die door de volkerengemeenschap worden erkend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a1b0dc706e6cc08c521a78b8a422f13803fefa6021c8dcecc0ef861c5b84f83. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a1b0dc706e6cc08c521a78b8a422f13803fefa6021c8dcecc0ef861c5b84f83, en de alinea staat in dat document op bytes 15045 tot 15920.