Citaat | Gerechtshof Amsterdam 18 juli 2001

Alinea 76 Gerechtshof Amsterdam 18 juli 2001

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 18 juli 2001, ECLI:NL:GHAMS:2001:AD3943.

5.2.4. Op grond van hetgeen is overwogen in 5.2.2. en 5.2.3. en mede gelet op hetgeen is komen vast te staan omtrent het stroomverbruik van de in het atelier aanwezige machines en overige apparatuur, bestaat voldoende grond voor het vermoeden dat tijdens daluren in betekenende mate door werknemers van belanghebbende arbeid in het atelier is verricht die niet in de loonadministratie is verantwoord. Het ligt op de weg van belanghebbende om dit vermoeden door een duidelijke verklaring te ontzenuwen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3bb682bf2ee589ccc2fb3597cf498175c360c9888d1aa90c14b933d4ebf1110d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3bb682bf2ee589ccc2fb3597cf498175c360c9888d1aa90c14b933d4ebf1110d, en de alinea staat in dat document op bytes 31584 tot 32098.