Citaat | Gerechtshof Amsterdam 5 juni 2001

Alinea 40 Gerechtshof Amsterdam 5 juni 2001

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 5 juni 2001, ECLI:NL:GHAMS:2001:AF7443.

Aannemelijk is geworden dat bij het plegen van de bewezenverklaarde feiten sprake was van een georganiseerd verband van samenwerkenden, waarvan verdachte deel uitmaakte, die de voorbereiding en uitvoering van drugstransporten organiseerde. Verdachte had daarbij kennelijk een belangrijke rol ten aanzien van de opvang van door de koeriers meegebrachte cocaïne op Schiphol en de (al dan niet zichtbare) controle en begeleiding van deze koeriers na hun aankomst op Schiphol. Daarbij heeft hij telkens onbevoegd - immers niet ten behoeve van zijn reguliere werkzaamheden - gebruik gemaakt van een personeelspas van Schiphol, waarmee hij ongehinderd toegang had tot het zogenaamde beveiligde gebied en de wegen die buiten het douanegebied om, direct "naar buiten" leiden. Het hof rekent het de verdachte zwaar aan dat hij misbruik heeft gemaakt van zijn positie als (incidenteel) werknemer van Schiphol.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/91c5856b52f38908a7dd84fe673cbbf3ed2a44da52f3cb3384e9d71be7516c7c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 91c5856b52f38908a7dd84fe673cbbf3ed2a44da52f3cb3384e9d71be7516c7c, en de alinea staat in dat document op bytes 9336 tot 10249.