Citaat | Gerechtshof Amsterdam 11 februari 2002
Alinea 36 Gerechtshof Amsterdam 11 februari 2002
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 11 februari 2002, ECLI:NL:GHAMS:2002:AD9563.
"6. Uit het voorgaande blijkt dat X in de periode tussen de gestanddoening van het bod en 31 december 2004 nog geen meerderheid van de aandelen en de daaraan verbonden stemrechten verkrijgt. Dit zal pas geschieden op het nader te bepalen tijdstip na zojuist genoemde datum, wanneer de call-optie op de preferente aandelen wordt uitgeoefend. Op grond van de volgende, bijkomende omstandigheden kan niettemin tot de conclusie worden gekomen dat X bij de gestanddoening van het bod zeggenschap verwerft over XA.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/117779da0b9bc7b05d8e901e9d88ee8c62162a283f4d2a4c57b4b1f48bf84fd5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 117779da0b9bc7b05d8e901e9d88ee8c62162a283f4d2a4c57b4b1f48bf84fd5, en de alinea staat in dat document op bytes 12432 tot 12954.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/117779da0b9bc7b05d8e901e9d88ee8c62162a283f4d2a4c57b4b1f48bf84fd5 | shasum -a 256