Citaat | Gerechtshof Amsterdam 18 februari 2002

Alinea 128 Gerechtshof Amsterdam 18 februari 2002

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 18 februari 2002, ECLI:NL:GHAMS:2002:AE0249.

5.8. Naar 's Hofs oordeel kon belanghebbende aan het feit dat blijkens het voorstel van de inspecteur als vervat in diens brief van 15 november 1999 en waarin werd aangeknoopt bij de geschatte uiteindelijke verkoopprijs van het geplaatste kapitaal van B redelijkerwijze niet afleiden dat de inspecteur bij het doen van het voorstel in dwaling verkeerde ten aanzien van de aanwezigheid of althans betekenis van het Participatieplan, nu dat plan immers niet geacht kon worden van belang te zijn voor bedoelde verkoopprijs. Onder deze omstandigheden valt niet in te zien dat belanghebbende de inspecteur omtrent dat plan had moeten inlichten en kan ook in zoverre het beroep van de inspecteur op dwaling niet slagen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/96b3e1eb4a7c3b457bd0d5b9a60e7a5d83ef84141dcae776e347193ee16f144b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 96b3e1eb4a7c3b457bd0d5b9a60e7a5d83ef84141dcae776e347193ee16f144b, en de alinea staat in dat document op bytes 39288 tot 40014.