Citaat | Gerechtshof Amsterdam 18 februari 2002
Alinea 129 Gerechtshof Amsterdam 18 februari 2002
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 18 februari 2002, ECLI:NL:GHAMS:2002:AE0249.
5.9. Evenmin is naar 's Hofs oordeel sprake van wederzijdse dwaling omtrent het bestaan en de betekenis van het Participatieplan. Belanghebbende kende dat plan in elk geval. De inspecteur heeft voorts tegenover de gemotiveerde bewisting door belanghebbende niet althans onvoldoende aannemelijk gemaakt dat het plan naar het oordeel van beide partijen van beslissende betekenis was voor de vaststelling van de verkrijgingsprijs per januari 1997 van belanghebbendes aandelen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/96b3e1eb4a7c3b457bd0d5b9a60e7a5d83ef84141dcae776e347193ee16f144b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 96b3e1eb4a7c3b457bd0d5b9a60e7a5d83ef84141dcae776e347193ee16f144b, en de alinea staat in dat document op bytes 40034 tot 40522.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/96b3e1eb4a7c3b457bd0d5b9a60e7a5d83ef84141dcae776e347193ee16f144b | shasum -a 256