Citaat | Gerechtshof Amsterdam 13 februari 2002

Alinea 16 Gerechtshof Amsterdam 13 februari 2002

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 13 februari 2002, ECLI:NL:GHAMS:2002:AE0917.

2.3 In het kader van de verkoop van de aandelen van de B.V. verkreeg de echtgenoot een aantal vorderingen; enerzijds vorderingen die van de verkochte B.V. waren overgenomen en anderzijds vorderingen op de kopers van de aandelen. Het totaal van de vorderingen beliep ƒ 9.517.000. Belanghebbende heeft de helft daarvan opgenomen in haar aangifte vermogensbelasting 1997. De echtgenoot heeft op de vorderingen in 1996 ƒ 531.934 aan rente ontvangen. Belanghebbende heeft in haar aangifte inkomstenbelasting 1996 van dit rentebedrag niets aangegeven. Bij de aanslagregeling is het aangegeven belastbaar inkomen verhoogd met ƒ 285.000 (50% van ƒ 570.000). Tussen partijen is niet in geschil dat deze verhoging ƒ 265.967 (50% van ƒ 531.934) had moeten zijn en dat tevens bij de aanslagregeling ten onrechte geen rekening is gehouden met een extra rentevrijstelling ad ƒ 999.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/02cb6ffb1c191a9d3225377028cfe5b201b30fbec8c8de765e4d531618bdcbb5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 02cb6ffb1c191a9d3225377028cfe5b201b30fbec8c8de765e4d531618bdcbb5, en de alinea staat in dat document op bytes 8225 tot 9114.