Citaat | Gerechtshof Amsterdam 28 oktober 2002
Alinea 105 Gerechtshof Amsterdam 28 oktober 2002
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 28 oktober 2002, ECLI:NL:GHAMS:2002:AF0939.
5.3. De stelling van de inspecteur komt erop neer, dat erflater en zijn medevennoten in 1987 effectentransacties hebben laten uitvoeren via de door L onder de naam N aangehouden rekening nr. xx-yy-zz bij M & Co tot welke rekening erflater en zijn medevennoten ieder voor 1/3e deel gerechtigd waren, dat daarbij winsten zijn gerealiseerd die toe hadden moeten komen aan de C.V. en derhalve aan de vennoten van de C.V. waaronder F B.V., dat erflater en F B.V. zich ervan bewust moeten zijn geweest dat aldus een aan F B.V. toekomend voordeel werd doorgesluisd naar erflater en dat derhalve sprake is geweest van een uitdeling door F B.V., via haar houdstermaatschappij X Beheer B.V., aan erflater. Het bedrag van de uitdeling aan erflater heeft de inspecteur gesteld op 1/3e deel van hetgeen in 1987 in contanten van genoemde bankrekening is opgenomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c73f4d90bc1e794f8ba7a3e8ff767cda458171c6d2e3bb962b2a06f38f472bb9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c73f4d90bc1e794f8ba7a3e8ff767cda458171c6d2e3bb962b2a06f38f472bb9, en de alinea staat in dat document op bytes 25859 tot 26727.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c73f4d90bc1e794f8ba7a3e8ff767cda458171c6d2e3bb962b2a06f38f472bb9 | shasum -a 256