Citaat | Gerechtshof Amsterdam 9 juli 2002
Alinea 148 Gerechtshof Amsterdam 9 juli 2002
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 9 juli 2002, ECLI:NL:GHAMS:2002:AF1391.
5.3. Gelet op de onder 5.2 vermelde feiten en omstandigheden acht het Hof het aannemelijk dat de inspecteur bij het op 30 maart 1996 vaststellen van de in geschil zijnde aanslag redelijkerwijs op de hoogte kon zijn van de door belanghebbende aangebrachte wijzigingen in de structuur van royaltyvergoedingen door en via belanghebbende. Ook indien in aanmerking wordt genomen dat de brief van belanghebbende een verzoek inhoudt tot bevestiging van in die brief vermelde feiten en dat deze bevestiging niet van de inspecteur is uitgegaan, kan de inspecteur, hangende de behandeling van het rulingverzoek, bij het opleggen van de aanslag de mogelijke consequenties die zijn te verbinden aan de in het rulingverzoek vermelde feiten, niet in het midden laten. Indien deze feiten, naar het Hof aannemelijk acht, ten tijde van het vaststellen van de aanslag voor de inspecteur reden zijn om een boekenonderzoek te doen verrichten, dient hij in eerste instantie het door hem verlangde boekenonderzoek af te wachten, teneinde de resultaten daarvan bij het vaststellen van de aanslag mede in aanmerking te nemen. Dat hiervoor, gelet op de voor het opleggen van een aanslag geldende termijn, onvoldoende tijd beschikbaar was, is niet gesteld en is ook niet aannemelijk geworden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5fcd2e6a2660eb1b54fa84b03535cb2760951d45c55feeef40b5fa44bc73eded. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5fcd2e6a2660eb1b54fa84b03535cb2760951d45c55feeef40b5fa44bc73eded, en de alinea staat in dat document op bytes 32229 tot 33510.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5fcd2e6a2660eb1b54fa84b03535cb2760951d45c55feeef40b5fa44bc73eded | shasum -a 256