Citaat | Gerechtshof Amsterdam 9 juli 2002

Alinea 106 Gerechtshof Amsterdam 9 juli 2002

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 9 juli 2002, ECLI:NL:GHAMS:2002:AF1393.

Van dit patent, het recht van fabricage van horizontaal schuivende laad- en losvloeren (…), zou Xj NV mogelijk wel als eigenaar kunnen worden aangemerkt. (…) De adviseur berekende de waarde van het patent (...) naar F 200.000 voor toekomstige winst op verkopen (...) en (...) F 100.000 als waarde van het patent. (...) Het (…) door Xj NV betaalde aandeel in de ontwikkelingskosten van de a bedroeg in 1991 of 1992 ongeveer F 13.000. In 1993 werd er nog F 8.000 aan toegevoegd voor een nieuw concept. De totaal betaalde investering voor de a bedraagt (…) F 121.000. (…) Uit de overgelegde overeenkomst per 4 december 1991 (…) blijkt dat O (…) het patent voor F 100.000 heeft overgedragen aan Xj NV. Hierbij kwamen partijen overeen dat O zich verplichtte zich zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk 1 maart 1992 aktiviteiten zou voorbereiden, die tot daadwerkelijke patentverplaatsing in 1992 zouden leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee8b2228d987540b5dcb5f0d8d3c4a79a25f6e05a6dd98f0e429bca6706f61ac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee8b2228d987540b5dcb5f0d8d3c4a79a25f6e05a6dd98f0e429bca6706f61ac, en de alinea staat in dat document op bytes 23850 tot 24780.