Citaat | Gerechtshof Amsterdam 5 december 2002

Alinea 38 Gerechtshof Amsterdam 5 december 2002

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 5 december 2002, ECLI:NL:GHAMS:2002:AF1834.

Op grond van deze regeling kan B en W als heffingsinstantie een aanslag OZB opleggen voor het uitzonderlijke geval dat er geen WOZ-beschikking aanwezig is. Een WOZ-beschikking zou bij voorbeeld niet (meer) aanwezig kunnen zijn in een geval waarin een WOZ-beschikking na een WOZ-procedure door de rechter is vernietigd vanwege een fout in de objectafbakening. Om in dergelijke gevallen toch een aanslag te kunnen opleggen voor het juiste object kan B en W spoedshalve - omdat bijvoorbeeld de termijn voor het opleggen van de aanslag OZB dreigt te verstrijken - een aanslag OZB opleggen zonder eerst een WOZ-beschikking te hoeven nemen. Alsdan kan binnen de wettelijke termijn een aanslag OZB worden opgelegd voor het belastingobject zoals dat door belanghebbende wordt geduid. Ook zou door een administratieve omissie een WOZ-beschikking achterwege kunnen zijn gebleven. In dat geval ligt het voor de hand om alsnog een WOZ-beschikking te nemen, doch de noodzaak kan bestaan om in een dergelijk geval gelijk een aanslag op te leggen."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee3fe77fbd7aeb5bed5a246a7e3f35c5adb699f3112894c40040c76db0a83252. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee3fe77fbd7aeb5bed5a246a7e3f35c5adb699f3112894c40040c76db0a83252, en de alinea staat in dat document op bytes 10584 tot 11630.