Citaat | Gerechtshof Amsterdam 4 april 2003

Alinea 26 Gerechtshof Amsterdam 4 april 2003

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 4 april 2003, ECLI:NL:GHAMS:2003:AF6884.

3. Ten aanzien van hetgeen onder 2, 3 en 4 is tenlastegelegd is het hof ambtshalve van oordeel dat de plaatsaanduiding "dan wel buiten Nederland" telkens moet worden aangemerkt als onvoldoende duidelijk in het licht van de op grond van artikel 261 van het Wetboek van Strafvordering te stellen eisen, zodat de inleidende dagvaarding in zoverre nietig is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/665fd1500d623af6ba2a0a258b0f4278e9b45908ff1ee77f2fbb7e52987cc705. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 665fd1500d623af6ba2a0a258b0f4278e9b45908ff1ee77f2fbb7e52987cc705, en de alinea staat in dat document op bytes 8706 tot 9073.