Citaat | Gerechtshof Amsterdam 4 april 2003

Alinea 92 Gerechtshof Amsterdam 4 april 2003

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 4 april 2003, ECLI:NL:GHAMS:2003:AF6887.

De kasfaciliteit bestond al in de vorm zoals uit de bewezenverklaarde feiten blijkt toen verdachte in 1984 bij een rechtsvoorgangster van de bank in dienst kwam. Hij is wat dat betreft in een rijdende trein gestapt, terwijl alle andere directeuren blijkens hun verklaringen tot aan hun vertrek bij de bank daarvan weet hadden en daarbij betrokken waren doordat ook zij 'eigen' cliënten met een coderekening bij C. hadden. Verdachte had vanaf ongeveer 1990 de eindverantwoordelijkheid over de C-rekening. Dit brengt mee dat verdachte over de bewezenverklaarde periode een zwaardere verantwoordelijkheid dan zijn mededirecteuren had ten aanzien van de gang van zaken rond de C-rekening en dat hij moet worden aangemerkt als eindverantwoordelijke voor het instandhouden van het systeem. Deze extra verantwoordelijkheid ten opzichte van zijn mededirecteuren brengt niet mee dat oplegging van straffen zoals gevorderd niet in strijd zou zijn met het verbod van willekeur. Het hof zal dan ook aanzienlijk lagere straffen opleggen dan het op zichzelf op grond van de ernst van de feiten gerechtvaardigd zou achten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/904c5afa25208448f9886b637550f5ab423cbe5625ae1138eec4be9bce55f599. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 904c5afa25208448f9886b637550f5ab423cbe5625ae1138eec4be9bce55f599, en de alinea staat in dat document op bytes 28179 tot 29301.