Citaat | Gerechtshof Amsterdam 13 februari 2003
Alinea 33 Gerechtshof Amsterdam 13 februari 2003
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 13 februari 2003, ECLI:NL:GHAMS:2003:AF6966.
De raadsman van de verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep aangevoerd dat, indien het hof van oordeel is dat moet worden bewezenverlaard dat de verdachte degene is geweest die [slachtoffer] van het leven heeft beroofd, de verdachte van het subsidiair tenlastegelegde moet worden vrijgesproken omdat hij geen opzet op de dood van het slachtoffer heeft gehad. De verdachte moet toen en daar onder invloed hebben gestaan van ofwel de aan het gebruik ofwel de onthouding van verdovende middelen toe te schrijven effecten en wel in een zodanige mate dat er geen sprake kan zijn van bewustzijn van de verdachte en dus ook geen sprake kan zijn van bewuste aanvaarding van de aanmerkelijk kans dat het slachtoffer tengevolge van zijn handelen zou overlijden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de51a2ea361f81d49b9bc4b5fce7196bbab896cd58c1ccb109e8eae56097b099. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de51a2ea361f81d49b9bc4b5fce7196bbab896cd58c1ccb109e8eae56097b099, en de alinea staat in dat document op bytes 9104 tot 9878.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/de51a2ea361f81d49b9bc4b5fce7196bbab896cd58c1ccb109e8eae56097b099 | shasum -a 256