Citaat | Gerechtshof Amsterdam 14 april 2003
Alinea 45 Gerechtshof Amsterdam 14 april 2003
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 14 april 2003, ECLI:NL:GHAMS:2003:AF9268.
5.2. De stelling van de inspecteur komt er op neer dat belanghebbende inkomen uit een criminele organisatie heeft genoten in de jaren 1994, 1995 en 1996, dat belanghebbende dat inkomen noch het daardoor verworven vermogen in zijn aangiften heeft vermeld, dat hij daardoor niet de vereiste aangifte heeft gedaan, dat de schatting van het inkomen en vermogen bij de aanslagregeling redelijk is, en dat het gerechtshof op grond van het bepaalde in artikel 27e, onderdeel a, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen het beroep ongegrond moet verklaren omdat belanghebbende niet heeft doen blijken dat de uitspraak op het bezwaarschrift onjuist is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/30c898eed1f98525a749fce813beff55b267fe76ba6cd48644d96b231944223c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 30c898eed1f98525a749fce813beff55b267fe76ba6cd48644d96b231944223c, en de alinea staat in dat document op bytes 19245 tot 19904.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/30c898eed1f98525a749fce813beff55b267fe76ba6cd48644d96b231944223c | shasum -a 256