Citaat | Gerechtshof Amsterdam 2 juni 2003
Alinea 32 Gerechtshof Amsterdam 2 juni 2003
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 2 juni 2003, ECLI:NL:GHAMS:2003:AH9404.
5.5. Het Hof stelt voorop dat naar vaste jurisprudentie van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens, op fiscaal gebied aan de wetgever een ruime beoordelingsvrijheid toekomt bij het beantwoorden van de vraag of voor de toepassing van artikel 14 van het EVRM gevallen als gelijk moeten worden beschouwd en of, in het bevestigende geval, een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat om die gevallen niettemin in verschillende zin te re-gelen. Uit vaste jurisprudentie van de Hoge Raad volgt, dat datzelfde geldt voor de toepassing van artikel 26 van het IVBPR.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4c28bef43903a318ae5a2a6abbef10a6d31b6335485b0d44eb8054bf059f6c5c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4c28bef43903a318ae5a2a6abbef10a6d31b6335485b0d44eb8054bf059f6c5c, en de alinea staat in dat document op bytes 13084 tot 13667.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4c28bef43903a318ae5a2a6abbef10a6d31b6335485b0d44eb8054bf059f6c5c | shasum -a 256