Citaat | Gerechtshof Amsterdam 20 december 2004
Alinea 49 Gerechtshof Amsterdam 20 december 2004
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 20 december 2004, ECLI:NL:GHAMS:2004:AR8787.
2.18. X sr, de vader van belanghebbende, heeft op 22 oktober 1996 verklaard dat zijn dochter slechts handtekeningen had geplaatst zodat een derde-bemiddelaar de gelden veilig kon stellen voor onbevoegden. Verder heeft hij verklaard dat er sprake was van een onbekend bedrag aan rente en bankkosten. Substantiële kosten veroorzaakt door reis- en verblijfkosten en een vergoeding voor de derde-bemiddelaar zouden in mindering zijn gebracht op het totale tegoed.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fee71e8265382020aad2c0b992d455d204d92311a43231b1fd79ae2f13146ef8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fee71e8265382020aad2c0b992d455d204d92311a43231b1fd79ae2f13146ef8, en de alinea staat in dat document op bytes 16910 tot 17383.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fee71e8265382020aad2c0b992d455d204d92311a43231b1fd79ae2f13146ef8 | shasum -a 256