Citaat | Gerechtshof Amsterdam 2 maart 2005

Alinea 76 Gerechtshof Amsterdam 2 maart 2005

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 2 maart 2005, ECLI:NL:GHAMS:2005:AS8912.

“De leden van de fractie van de ChristenUnie vragen of kosten voor deelnemingen in de landen die toetreden tot de EU overeenkomstig de uitspraak van het [HvJ EG] eveneens in aftrek dienen te komen over de nog openstaande jaren tot en met 2003, omdat zij begrepen hebben dat de associatieverdragen met deze landen één op één verwijzen naar de toepasselijke Europese regelgeving. Het laatste is niet het geval. Met uitzondering van Malta en Cyprus zijn met alle toetredende staten zogenaamde Europa-akkoorden afgesloten. De daarin opgenomen bepalingen inzake vrijheid van vestiging en vrij verkeer van kapitaal wijken substantieel af van de bepalingen over vrij verkeer van kapitaal en vrijheid van vestiging in het EG-verdrag, in die zin dat de genoemde vrijheden veel minder vergaand zijn geformuleerd. Dit kan worden begrepen vanuit de wens van de betrokken toetreders om, in de jaren voorafgaand aan

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cb7e4eee40a8410a301caf67ffbf5920f08189714cc6cfef8953b6e5d46a6536. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cb7e4eee40a8410a301caf67ffbf5920f08189714cc6cfef8953b6e5d46a6536, en de alinea staat in dat document op bytes 38333 tot 39254.