Citaat | Gerechtshof Amsterdam 1 februari 2006
Alinea 79 Gerechtshof Amsterdam 1 februari 2006
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 1 februari 2006, ECLI:NL:GHAMS:2006:AV1218.
5.22. Het Hof is van oordeel dat er geen reden is om, als het gaat om een schending van de vrijheid van kapitaalverkeer tussen lidstaten onderling, met betrekking tot de eventuele aanwezigheid van rechtvaardigingsgronden als bedoeld in artikel 58, eerste lid, EG, tot een ander oordeel te komen dan met betrekking tot deze of daarmee vergelijkbare rechtvaar-digingsgronden is geoordeeld in het arrest BNB 2003/344. Gelijk het HvJ EG in het arrest BNB 2003/344 heeft overwogen (pt. 39), acht het Hof hierbij voorts irrelevant dat een deelneming die uitsluitend in Nederland belastbare winst geniet en een in een andere EU-lidstaat gevestigde deelneming die, althans rechtstreeks, uitsluitend in die andere EU-lidstaat belastbare winst geniet, zich niet in objectief vergelijkbare situaties bevinden. Immers, (ook) in casu gaat het om de moedervennootschap van die deelnemingen, die verschillend wordt behandeld al naar gelang die deelnemingen al dan niet (middellijk) in Nederland belastbare winst behalen, terwijl niet kan worden gezegd dat voor de moedervennootschap overigens sprake is van objectief verschillende situaties. Ook op deze grond kan niet een van de in artikel 58, eerste lid, EG bedoelde rechtvaardigingsgronden aanwezig worden geacht
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/491368213fa5eb86fb9bda9126bcc33f3741bee09adb69b215ed1964e3f5a71f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 491368213fa5eb86fb9bda9126bcc33f3741bee09adb69b215ed1964e3f5a71f, en de alinea staat in dat document op bytes 32639 tot 33903.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/491368213fa5eb86fb9bda9126bcc33f3741bee09adb69b215ed1964e3f5a71f | shasum -a 256