Citaat | Gerechtshof Amsterdam 19 maart 2007
Alinea 33 Gerechtshof Amsterdam 19 maart 2007
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 19 maart 2007, ECLI:NL:GHAMS:2007:BA2800.
Voorts zijn [geïntimeerden] van mening dat de bewindvoerder de hypotheekhouder op grond van artikel 58 lid 1 Fw juncto 299 lid 3 Fw een redelijke termijn had moeten stellen. Indien de hypotheekhouder binnen die termijn niet tot verkoop van de woning zou zijn overgegaan, had de bewindvoerder zelf de woning op grond van artikel 101 of 176 Fw kunnen verkopen. De bewindvoerder heeft dit nagelaten en heeft pas in het laatste half jaar van de looptijd van de schuldsaneringsregeling actie ondernomen om tot verkoop van de woning over te gaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bcf41837759111ba7047e5aff950317ed659fd8c5eaf7fe678d240c6d4da1437. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bcf41837759111ba7047e5aff950317ed659fd8c5eaf7fe678d240c6d4da1437, en de alinea staat in dat document op bytes 9022 tot 9576.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bcf41837759111ba7047e5aff950317ed659fd8c5eaf7fe678d240c6d4da1437 | shasum -a 256