Citaat | Gerechtshof Amsterdam 9 april 2008

Alinea 69 Gerechtshof Amsterdam 9 april 2008

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 9 april 2008, ECLI:NL:GHAMS:2008:BC9170.

Op 3 oktober 2000 had M een uitvoerig gesprek met een hoogleraar oncologie, die zich in de medische literatuur onder meer sterk had gemaakt voor een bezinning op de belevingsaspecten van de kankerpatiënt. Tegenover deze hoogleraar liet M weten dat zij geen kanker had en aan een bacteriële infectie leed. M wilde geen chemotherapie ondergaan. De enkele aanblik van de ontblote rechterborst overtuigde deze hoogleraar evenwel van de aanwezigheid van een borsttumor in een verder gevorderd stadium. Hij herkende in M, die de realiteit ontkende, reactiemechanismen die menselijkerwijze verklaarbaar zijn en vaker worden gezien bij kankerpatiënten. Aan de verwijzing naar een oncologisch chirurg in het eerdergenoemde gespecialiseerde kankerinstituut gaf M geen gevolg.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e5def620891824b82301396297a01e44689424eef4b3029400be2aba4b2634d0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e5def620891824b82301396297a01e44689424eef4b3029400be2aba4b2634d0, en de alinea staat in dat document op bytes 26397 tot 27178.