Citaat | Gerechtshof Amsterdam 25 maart 2008

Alinea 61 Gerechtshof Amsterdam 25 maart 2008

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 25 maart 2008, ECLI:NL:GHAMS:2008:BC9237.

4.15 Ook de stand van de rechtsontwikkeling na het totstandkomen van de WCK geeft geen aanleiding tot het aannemen van een zorgplicht van de aard en omvang als door de kredietnemers gesteld. De Hoge Raad heeft in zijn arresten HR 23 mei 1997 NJ 1998, 127 en HR 26 juni 1998 NJ 1998, 660 wel een zorgplicht van de bank aangenomen, voortvloeiend uit hetgeen de eisen van redelijkheid en billijkheid naar de aard van de contractuele verhouding tussen een bank en haar particuliere cliënten meebrengen, doch het ging daarbij om de uitvoering van opdrachten in de handel in opties waaraan zeer grote risico’s zijn verbonden. Ook wordt een dergelijke zorgplicht van banken wel aangenomen bij aandelenlease-overeenkomsten, maar daarbij gaat het veelal ook om (koers)risico’s die voor de niet deskundige consument niet altijd gemakkelijk zijn in te zien en evenmin gemakkelijk te dragen, zoals het risico van het ontstaan van een vaak onverwachte en relatief grote restschuld ten laste van de consument bij regelmatige afwikkeling van de overeenkomst.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d94e89c853cf5bf44d68ea5840c1894587c26616df465dd5c2562b8072ef8b0e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d94e89c853cf5bf44d68ea5840c1894587c26616df465dd5c2562b8072ef8b0e, en de alinea staat in dat document op bytes 22312 tot 23373.