Citaat | Gerechtshof Amsterdam 11 november 2010
Alinea 57 Gerechtshof Amsterdam 11 november 2010
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 11 november 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BO4073.
6.1. Nu het door de heffingsambtenaar ingestelde hoger beroep ongegrond is en de uitspraak van de rechtbank om die reden wordt bevestigd, acht het Hof termen aanwezig om de heffingsambtenaar te veroordelen in de proceskosten van belanghebbende. De op de voet van artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht voor vergoeding in aanmerking komende kosten zijn opgenomen in artikel 1 van het Besluit proceskosten bestuursrecht (het Besluit). Voor het onderhavige geval zijn dat de in onderdeel a van laatstgenoemd artikel vermelde kosten van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. Ingevolge artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van het Besluit stelt het Hof het bedrag van deze kosten overeenkomstig het in de bijlage bij het Besluit opgenomen tarief op: 2 punten (1 punt voor het indienen van het verweerschrift en 1 punt voor het bijwonen van de zitting) maal € 322 maal 1 (wegingsfactor), dat is € 644.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/63148ea6dfae5d56ce88749f64e02afb62a28cafdcdeedf772fadedc1b87fa95. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 63148ea6dfae5d56ce88749f64e02afb62a28cafdcdeedf772fadedc1b87fa95, en de alinea staat in dat document op bytes 20352 tot 21297.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/63148ea6dfae5d56ce88749f64e02afb62a28cafdcdeedf772fadedc1b87fa95 | shasum -a 256