Citaat | Gerechtshof Amsterdam 7 december 2010

Alinea 133 Gerechtshof Amsterdam 7 december 2010

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 7 december 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BO6899.

3.25 De reconventionele vordering is ingesteld onder de voorwaarde dat aan het door Omni c.s. in conventie gedane voorstel omtrent de wijze van overdracht niet zal worden tegemoetgekomen. Nu dit, gelet op het voorgaande, wel het geval is, behoeft de reconventionele vordering geen behandeling. Ten overvloede merkt de Ondernemingskamer op dat de reconventionele vordering - eveneens - in de kern een vordering betreffende de executie is en derhalve op de voet van artikel 438 Rv tot de competentie van de rechtbank behoort.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb89fb2d0eb608b00653012e44ab53b6a2a9fe5df1a520949be6fdfafb112053. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb89fb2d0eb608b00653012e44ab53b6a2a9fe5df1a520949be6fdfafb112053, en de alinea staat in dat document op bytes 38766 tot 39302.