Citaat | Gerechtshof Amsterdam 14 december 2010
Alinea 51 Gerechtshof Amsterdam 14 december 2010
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 14 december 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BP0607.
Dat en waarom [ Appellant ] niettegenstaande de tekst van het be-ding, die alleen over de wil tot verkoop van het pand rept, daaraan in de gegeven omstandigheden, rekening houdend met hetgeen partijen over en weer van elkaar mochten begrijpen en verwachten, de zin moest toekennen dat geen aanbiedingsplicht bestond wanneer het pand als onderdeel van een in zijn geheel te verkopen onroerendgoedporte-feuille zou worden aangeboden, is niet voldoende gemotiveerd ge-steld. Met de kantonrechter is het hof dan ook van oordeel dat RAM Properties gehouden was het pand eerst te koop aan te bieden aan [ Appellant ] en dat zij hem twee weken de tijd moest gunnen om op dat aanbod te reageren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f21f8cdba348f59247d8994bee253ad599b70fedebc3d93d9761d0ccd3d128a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f21f8cdba348f59247d8994bee253ad599b70fedebc3d93d9761d0ccd3d128a9, en de alinea staat in dat document op bytes 17526 tot 18227.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f21f8cdba348f59247d8994bee253ad599b70fedebc3d93d9761d0ccd3d128a9 | shasum -a 256