Citaat | Gerechtshof Amsterdam 3 februari 2011

Alinea 82 Gerechtshof Amsterdam 3 februari 2011

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 3 februari 2011, ECLI:NL:GHAMS:2011:BP4437.

5.2.5. Voorts blijkt uit de onder 3.2 beschreven feiten dat kort na de identificatie van belanghebbende als rekeninghouder tegen hem een strafrechtelijk onderzoek is ingesteld. Uit hetgeen de inspecteur ter zitting van 10 september 2010 heeft verklaard leidt het Hof af dat hij gedurende dit onderzoek niet de beschikking had over de voor het vaststellen van de navorderingsaanslagen benodigde gegevens. Naar het oordeel van het Hof bestonden goede gronden om met het fiscale onderzoek te wachten totdat het strafrechtelijke onderzoek zou zijn afgerond. Weliswaar behoefden in rechtskundig opzicht geen beletselen te bestaan tegen het gelijktijdig uitvoeren van het strafrechtelijke en het fiscale onderzoek, maar het door twee instanties gelijktijdig onderzoeken van hetzelfde feitencomplex zou niet doelmatig zijn geweest en gemakkelijk hebben kunnen leiden tot verwarring bij belanghebbende omtrent de verantwoordelijkheid voor en het doel van elk van deze onderzoeken en de bij elk van deze onderzoeken in acht te nemen waarborgen en dwangmiddelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e32bdb5f4c084a5662f1b34728fe2737c164e8598e8359110afa4fe054761bb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e32bdb5f4c084a5662f1b34728fe2737c164e8598e8359110afa4fe054761bb, en de alinea staat in dat document op bytes 27192 tot 28257.