Citaat | Gerechtshof Amsterdam 3 maart 2011

Alinea 56 Gerechtshof Amsterdam 3 maart 2011

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 3 maart 2011, ECLI:NL:GHAMS:2011:BP6980.

4.4.3. De staatssecretaris van Financiën heeft in dit verband te kennen gegeven (MvA, Kamerstukken I 1999/2000, 26 727 en 26 728, nr. 202a, blz. 112-113) dat, indien tot het privé-vermogen behorende vermogensbestanddelen als zekerheid worden bezwaard ten behoeve van schulden van de BV, er geen sprake is van het ter beschikking stellen van vermogen maar van het optreden als borg. In de Memorie van Antwoord wordt in dit verband vermeld dat in de situatie van borgstelling dus niet de vermogensbestanddelen die ten behoeve van de crediteur worden bezwaard ook ter beschikking worden gesteld aan de BV, evenmin als de ten behoeve van een zakelijke crediteur met hypotheek bezwaarde eigen woning tot het ondernemingsvermogen dient te worden gerekend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3bb6d75193a310c717a090a447e82dae21ec5afb89ccfe0e5c87327469e26280. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3bb6d75193a310c717a090a447e82dae21ec5afb89ccfe0e5c87327469e26280, en de alinea staat in dat document op bytes 21978 tot 22743.