Citaat | Gerechtshof Amsterdam 12 mei 2011
Alinea 60 Gerechtshof Amsterdam 12 mei 2011
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 12 mei 2011, ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ7376.
4.10. Belanghebbende voert aan dat artikel 38 van de Wfsv niet de wettelijke mogelijkheid schept om bij besluit (artikel 2.9 van het Besluit Wfsv) afwijkende regels te stellen met betrekking tot de voor het percentage in aanmerking te nemen uitkeringen, hetgeen meebrengt dat bij het vaststellen van de gedifferentieerde premie geen rekening mag worden gehouden met WAO-uitkeringen. De bepalingen uit de Wfsv voorzien immers niet in een toerekening van WAO-uitkeringen aan WGA-premies. Dit klemt, volgens belanghebbende, des te meer nu private verzekeraars bij de vaststelling van de verzekeringspremie, ter verzekering van voor werknemers te betalen WGA-uitkeringen, WAO-uitkeringen buiten beschouwing laten. Volgens belanghebbende brengt de verschillende behandeling van privaat verzekerde werkgevers, publiekechtelijk verzekerde werkgevers en eigen-risicodragers schending mee van artikel 26 van het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (hierna: BUPO) en/of artikel 14 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: EVRM) in verbinding met –naar het Hof begrijpt- artikel 1 van het Twaalfde protocol bij het EVRM. Belanghebbende heeft verder gesteld dat de Minister ten onrechte, naast de in artikel 38, tweede lid, bedoelde opslag/korting, nog een “tweede” opslag op de gemiddelde premie heeft vastgesteld. Laatstgenoemde opslag is door de Minister vastgesteld in verband met het creëren van een zogenoemd "level playing field". Private verzekeraars blijken veel lagere premies te berekenen. Voorts brengt het besluit van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid waar deze opslag is vastgesteld (Regeling van 11 juli 2007, nr. SV/WV/07/23621, tot vaststelling van de opslag op de gemiddelde premie, bedoeld in artikel 2.8, tweede lid, van het besluit Wfsv voor het jaar 2008 , Stcr. 2007, 138), volgens belanghebbende, mee dat er sprake is van schending van het in artikel 3:4 van de Awb neergelegde evenredigheidsbeginsel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ac91c91eaf72835b8ea8832f08aec9b15893e6169dc2be5959ca7e904a789241. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ac91c91eaf72835b8ea8832f08aec9b15893e6169dc2be5959ca7e904a789241, en de alinea staat in dat document op bytes 16538 tot 18584.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ac91c91eaf72835b8ea8832f08aec9b15893e6169dc2be5959ca7e904a789241 | shasum -a 256