Citaat | Gerechtshof Amsterdam 20 oktober 2011
Alinea 138 Gerechtshof Amsterdam 20 oktober 2011
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 20 oktober 2011, ECLI:NL:GHAMS:2011:BU1566.
4.8.1. Naar het oordeel van het Hof heeft de rechtbank op goede gronden geoordeeld dat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij met zijn belwinkel in 2004 een negatief resultaat van € 16.489 heeft behaald. Het Hof volgt de rechtbank overigens niet in de door haar toegepaste ‘omkering van de bewijslast’ op de grond dat belanghebbende niet aan de informatieverplichting van artikel 47 AWR heeft voldaan. Aangezien het geschil (de omvang van) een verlies uit onderneming betreft, moet ervan worden uitgegaan dat ter zake van dat verlies de bewijslast reeds op belanghebbende rust. In een dergelijk geval heeft het niet beantwoorden door belanghebbende van (feitelijke) vragen van de inspecteur geen gevolgen voor het door belanghebbende te leveren bewijs (verg. HR 18 februari 2011, 10/00556, BNB 2011/143; zie ook HR 3 februari 2006, nrs. 41.329 en 41.814, BNB 2006/204 en 205).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/df80aebad6d39e5e7a3fae3f211aa6c8a2b90ac15f4c610ac440df35481b71e7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt df80aebad6d39e5e7a3fae3f211aa6c8a2b90ac15f4c610ac440df35481b71e7, en de alinea staat in dat document op bytes 34222 tot 35132.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/df80aebad6d39e5e7a3fae3f211aa6c8a2b90ac15f4c610ac440df35481b71e7 | shasum -a 256