Citaat | Gerechtshof Amsterdam 30 augustus 2011

Alinea 92 Gerechtshof Amsterdam 30 augustus 2011

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 30 augustus 2011, ECLI:NL:GHAMS:2011:BU9012.

3.14 [appellante] voert primair – samengevat - aan dat zij de dagvaarding niettemin aan de juiste personen heeft gericht, omdat zij er gelet op de persoonsvermeldingen op het briefpapier van de maatschap op mocht vertrouwen dat de maatschap ten tijde van de beroepsfouten van [geïntimeerde sub 1]uit deze personen bestond. In ieder geval hebben zij, aldus [appellante], door in die periode als persoon op het briefpapier van de maatschap vermeld te staan, de schijn gewekt dat zij als natuurlijke personen aansprakelijkheid voor de schulden van de maatschap aanvaardden, dan wel hun recht verwerkt om een beroep te doen op de omstandigheid dat zij slechts via hun praktijkvennootschappen lid waren van de maatschap.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7535e660cccad97719efea25347a12e97681d920242c901ddf1fd3fe135793c6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7535e660cccad97719efea25347a12e97681d920242c901ddf1fd3fe135793c6, en de alinea staat in dat document op bytes 30651 tot 31385.