Citaat | Gerechtshof Amsterdam 27 december 2011
Alinea 124 Gerechtshof Amsterdam 27 december 2011
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 27 december 2011, ECLI:NL:GHAMS:2011:BU9331.
4.9 Reeds nu overweegt het hof dat de vraag of de schade die Chipshol vordert reeds (gedeeltelijk) is vergoed als gevolg van schikkingen, niet een zuiver feitelijke vraag is en dus – naar het zich laat aanzien – niet kan worden beantwoord op basis van bewijswaardering alleen. Indien na bewijslevering kan worden aangenomen dat de getroffen schikkingen aldus moeten worden uitgelegd dat (naar de bedoelingen van partijen bij de schikkingsovereenkomsten) in de betaalde schikkingsbedragen vergoedingen zijn verdisconteerd voor schadecomponenten die ook thans gevorderd worden, dan moet de hoogte van die vergoedingen worden vastgesteld. Dat kan een kwestie zijn van toerekening van bedragen aan verschillende componenten op basis van diverse onzekere factoren. Hierbij zijn waarderingen nodig die zich niet lenen voor bewijslevering en waarbij het hof mogelijk intuïtieve afwegingen moet maken, al dan niet na raadpleging van deskundigen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0a083a02a6475050745131846908bf578790cf090a225c8333bd7efa51f4cccb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0a083a02a6475050745131846908bf578790cf090a225c8333bd7efa51f4cccb, en de alinea staat in dat document op bytes 36775 tot 37730.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0a083a02a6475050745131846908bf578790cf090a225c8333bd7efa51f4cccb | shasum -a 256