Citaat | Gerechtshof Amsterdam 27 december 2011
Alinea 42 Gerechtshof Amsterdam 27 december 2011
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 27 december 2011, ECLI:NL:GHAMS:2011:BX7902.
3.3. De grieven van [appellant] in het principale appel richten zich tegen het oordeel dat Generali is geslaagd in het leveren van tegenbewijs. [appellant] voert daarbij aan dat de rechtbank zijn verklaring en de getuigenverklaring van zijn dochter onjuist heeft weergegeven, ten onrechte de verkeersongevallendeskundige Meuwissen heeft gevolgd en ten onrechte buiten beschouwing heeft gelaten dat [Y] in zijn rapport is uitgegaan van onjuiste feiten. Generali heeft bij haar (voorwaardelijke) incidentele grief gesteld dat de rechtbank ten onrechte heeft beslist dat het er voorshands voor moet worden gehouden dat zich een ongeval heeft voorgedaan waarbij van opzet geen sprake was. Generali wijst erop dat hetgeen [appellant] had aangevoerd summier was, dat de betekenis van de door [appellant] overgelegde registratieset van de politie gering is en dat de door haar, Generali, bij conclusie van antwoord aangedragen argumenten en overgelegde bescheiden, waaronder het rapport van [Y], door [appellant] niet of nauwelijks zijn weersproken. Het hof zal eerst de incidentele grief bespreken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/08e4bb8504f8897e3424e5b928951454c2e98d120bb0fd031fe3092104ef1365. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 08e4bb8504f8897e3424e5b928951454c2e98d120bb0fd031fe3092104ef1365, en de alinea staat in dat document op bytes 11015 tot 12120.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/08e4bb8504f8897e3424e5b928951454c2e98d120bb0fd031fe3092104ef1365 | shasum -a 256