Citaat | Gerechtshof Amsterdam 31 januari 2012
Alinea 54 Gerechtshof Amsterdam 31 januari 2012
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 31 januari 2012, ECLI:NL:GHAMS:2012:BV2565.
4.4 Het vorenstaande betekent niet dat alle informatie uit een dossier zonder meer moet worden verstrekt. Zo strekt het inzagerecht zich niet uit tot interne notities die de persoonlijke gedachten van medewerkers van de verantwoordelijke bevatten en die uitsluitend bedoeld zijn voor intern overleg en beraad en kan de verantwoordelijke artikel 35 van de Wbp buiten toepassing laten voor zover dit noodzakelijk is in het belang van de bescherming van de betrokkene of van de rechten en vrijheden van anderen, zij het dat dit op proportionele wijze dient te geschieden; bij de verstrekking van kopieën van bescheiden kunnen bijvoorbeeld daarin aanwezige passages die betrekking hebben op derden worden afgeschermd, indien de belangen van die derden zulks vergen. De laatstgenoemde in artikel 43 aanhef en sub e vervatte uitzondering is onderworpen aan het noodzakelijkheidscriterium. Blijkens de Memorie van Toelichting bij de Wbp is een strikte uitleg van dit begrip aangewezen (Tweede Kamer, vergaderjaar 1997-1998, 25 892, nr. 3, p.171).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e71ec2d8425bcb8104b84900407101481cca759b2a1ea411676327a0990614fa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e71ec2d8425bcb8104b84900407101481cca759b2a1ea411676327a0990614fa, en de alinea staat in dat document op bytes 19893 tot 20948.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e71ec2d8425bcb8104b84900407101481cca759b2a1ea411676327a0990614fa | shasum -a 256