Citaat | Gerechtshof Amsterdam 15 maart 2012

Alinea 85 Gerechtshof Amsterdam 15 maart 2012

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 15 maart 2012, ECLI:NL:GHAMS:2012:BV9876.

4.6.3. Verweerder stelt ter onderbouwing van deze utb dat uit de emailcorrespondentie met F, zoals weergegeven onder 2.2, volgt dat eiseres wist dat de spaarlampen niet door C zijn geproduceerd. Eiseres heeft hier, ter zitting, tegenin gebracht dat de overgelegde correspondentie niet ziet op het fabricageproces van de lampen maar op een andere relatie die zij heeft met F. De heer F is directeur van […] en deed zaken in Duitsland. Een aantal leveranciers hebben de heer F benaderd, onder andere D2. F verkoopt derhalve lampen die niet bij C zijn geproduceerd en kan deze lampen goedkoper leveren. Dit is wat de heer F aangeeft in de e-mailcorrespondentie. De in het FIOD-rapport vermelde medewerker van eiseres deed of hij dit geloofde, omdat de heer F de rekeningen niet betaalde en wel lampen afnam van eiseres. Aangezien de orders te groot zijn om te financieren, heeft F verzocht om samenwerking met eiseres. Daar ziet de aangehaalde correspondentie voor een deel op. Daarnaast heeft eiseres onderbouwd aangegeven dat zij een vordering heeft op F, waar ook een deel van de correspondentie op ziet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d5ec4f60513fa78411df3506fb31b6dcff8b713521e162be52371beb707f8302. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d5ec4f60513fa78411df3506fb31b6dcff8b713521e162be52371beb707f8302, en de alinea staat in dat document op bytes 21217 tot 22337.